Marie-José Thijssen, docent v&m

‘Ken je de film Brammetje Baas? Da’s mijn visie op onderwijs. Brammetje gaat heel onbevangen naar school: hij wil álles weten en álles leren. In de film wordt dat de kop in gedrukt door meester Vis. Ons onderwijssysteem doet dat soms ook. We willen steeds meer grip en meetbaarheid, maar daarmee doen we leerlingen tekort. Ik sta voor een wat losser onderwijs waarin veel ruimte is voor nieuwsgierigheid, net als bij meester Mark in de film. Hij is de vervanger die ervoor zorgt dat Brammetje helemaal tot z’n recht komt.  

Aan het begin van het schooljaar vraag ik altijd: Wie vindt het leuk om iets creatiefs te doen; iets te frotten? Dan gaan er héél veel vingers de lucht in. Maar als we eenmaal bezig zijn, vinden ze het vaak niet goed genoeg. Ze kunnen niet trots zijn op wat ze hebben gemaakt. Leerlingen zeggen: ik kan dat niet, of: het is niet mooi. Terwijl mooi helemaal niet belangrijk is! Je wilt uitproberen wat je allemaal kunt om tot een beeld te komen. En met dat beeld wil je iets zéggen.  

Het is belangrijk dat we met onze tijd meegaan. Met textiel werken is geen kantklossen meer. V&M is behoorlijk digitaal, maar we geven leerlingen de ruimte om op alle mogelijke manieren te verbeelden. Om in vrijheid te kunnen prutsen en ontdekken. En te kunnen mislukken. Het is soms net alsof dingen niet meer mogen mislukken, terwijl dat juist zo belangrijk is. 

Ik vind het zo leuk als leerlingen in een tussenuur bij een andere klas komen zitten om lekker te werken. Dan schuift er iemand uit havo 5 aan bij een brugklas en zijn alle brugklassers onder de indruk. Of na school, dat gebeurt ook vaak. In mijn lokaal heb ik een tostiapparaat en een waterkoker. Dan drinken we thee en komen er boterhammen uit de tas om tosti’s van te maken. Het is een werkplek, maar er is ook totale ontspanning.’