Lisanne Bronts en Teun Helsper, docenten lichamelijke opvoeding

 ‘Het emotioneert me gewoon enorm!’ Lachend haalt Lisanne een vuiltje uit haar oog als Teun vertelt over hun ambities: ‘Als leerlingen bij ons binnenkomen, zien ze meteen alle gymdocenten. Ze zien dat wij het gezellig hebben met elkaar en dat we het sámen doen. Bij gym willen we graag de leergroei van kinderen zien. Hoe komt een leerling binnen en waar staat-ie na een reeks van vijf lessen? Dan is het niet zo interessant wat een leerling daadwerkelijk kán, maar kijk je dus echt naar de groei. We laten ze ook veel van elkaar leren. Zo houd je het uitdagend voor iedereen én krijgen kinderen het vertrouwen. 

Toen ik op het Eckart kwam, was ik zo blij dat ik op één plek kon werken. Van tevoren had ik allemaal kleine baantjes. En als je dan ook nog in een warm nest terechtkomt, is dat helemaal geweldig. Bijna iedereen is zó toegankelijk.’  

Lisanne is het daar helemaal mee eens: ‘Als je als docent ergens moeite mee hebt, word je daar niet om veroordeeld. Je mag gewoon een keer een fout maken of even niet zo goed weten wat je met een bepaalde situatie aan moet. Dat geldt trouwens ook voor het contact tussen leerlingen en docenten. Er is altijd de mogelijkheid om een gesprek te voeren; het is niet zo dat ze hier continu tegen de regeltjes aanlopen. Ik vind ook dat leerlingen me bijna altijd prettig benaderen. Maar héél af en toe denk ik: dit was even niet zo fijn. 

Afgelopen schooljaar zijn we in havo 4 begonnen met BSM: bewegen, sport en maatschappij. Dat hebben wij met z’n tweeën opgezet. Er ontbrak echt iets in de keuzevakken voor de bovenbouw. Sport spreekt gewoon heel veel kinderen aan en BSM biedt wat ze bij andere vakken niet kunnen vinden. We gaan samen sporten, maar je leert ook organiseren en voor een groep staan. Daarnaast krijg je theorielessen over bijvoorbeeld bewegen en blessures. Zelfs als je niks wilt gaan doen met sport, heb je daar iets aan. Laatst hadden we een theorieles EHBO, dat was echt genieten. Leerlingen waren zo serieus en betrokken. Ze zorgden echt voor elkaar. Wel jammer dat dit nieuwe vak ons nakijkwerk oplevert, haha. Dat zijn we niet gewend.’